Project omschrijving

Parel Moerwijk, Den Haag

In de wijk Moerwijk-Oost te Den Haag wordt het project Parel Moerwijk gerealiseerd. Langs de Ulenpasstraat worden enkele blokken oude appartementen afgebroken, en worden nieuwe appartementen in de plaats gebouwd. De verwarming en koeling van 7 van deze blokken zullen worden geleverd door gesloten bodemenergiesystemen. Deze bodemenergiesystemen zullen in totaal 213 appartementen voorzien van duurzame verwarming en koeling.

Van Wijnen Projectontwikkeling West B.V. verzorgt de ontwikkeling in opdracht van Vestia. VHGM heeft de opdracht gekregen om het basisontwerp en het detailontwerp van deze gesloten bodemenergiesystemen te verzorgen. Op deze ontwerpen zijn de scopes 1b en 2b van de BRL 11000 van toepassing. Met Installatie Advies Groep zijn de energetische uitgangspunten en de aansluiting op de blokken bepaald.

Interferentie

Om meerdere woonblokken van gesloten bodemenergiesystemen te voorzien, moet rekening gehouden worden met de invloed die deze systemen op elkaar kunnen hebben. Appartementen hebben over het algemeen een hogere warmte- dan koudevraag en zullen netto meer warmte uit de bodem onttrekken. Hierdoor koelen deze systemen de omgeving af.

Deze invloed wordt als negatief beschouwd, omdat er juridische limieten zijn voor de temperaturen waarmee gesloten bodemenergiesystemen mogen opereren. Er mogen geen vloeistoffen het bodemzijdig circuit in gepompt worden met een lustemperatuur lager dan -3 °C. Daarbij is het voordeliger voor het rendement van de warmtepomp wanneer deze temperaturen niet te laag worden.

Wanneer de vloeistof in het gesloten bodemenergiesysteem te laag wordt, is het dus niet voordelig voor het systeem, en loopt het meer risico om de juridisch opgelegde temperaturen te overschrijden.

Bij het ontwerp van een gesloten bodemenergiesysteem wordt bepaald wat de ontwikkeling van de interne lustemperaturen van het gesloten bodemenergiesysteem wordt aan de hand van een EED-berekening. Om hierbij de invloed van de andere geplande systemen te bepalen is deze invloed berekend met 3D-modellen die gebruik maken van de eindige verschillenmethode (MODFLOW/MT3DMS).  Door de eindige verschillenmethode en de EED-berekeningen te combineren is een compleet beeld van de ontwikkeling van de temperaturen bepaald.

interferentie