Botssessie BES en nieuwe Omgevingswet

//Botssessie BES en nieuwe Omgevingswet

Botssessie BES en nieuwe Omgevingswet

In 2021 moet de nieuwe Omgevingswet in werking treden. De omgevingswet bundelt en moderniseert alle wetten voor de leefomgeving, waaronder ruimte, wonen, infrastructuur en milieu, in 1 wet. Op dit moment is het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bezig met het ontwikkelen van de regels die de invoering van de Omgevingswet goed moeten laten verlopen. Om deze reden vond er op 4 april een botsproeven sessie plaats, waarin aan de hand van een praktijkcasus werd bekeken of de regels die zijn bedacht voor de Omgevingswet in de praktijk werken en zo duurzame energie stimuleren.

Ook bodemenergie is in de Omgevingswet opgenomen. De regels met betrekking tot bodemenergie zijn terug te vinden in het Besluit Activiteiten Leefomgeving (Bal). Het Bal is één van de 4 AMvB’s waarin de algemene regels staan beschreven waaraan burgers en bedrijven zich moeten houden als ze bepaalde activiteiten uitvoeren in de fysieke leefomgeving. Daarnaast staat in het Bal beschreven voor welke activiteiten een vergunnings- of meldingsplicht benodigd is.

Een belangrijke verandering in de Omgevingswet is dat het ‘nee, mits’ principe uit de huidige wetgeving, wordt omgezet in ‘ja, tenzij’. Hierdoor zijn alle activiteiten toegestaan, tenzij er regels aan gesteld zijn. Daarnaast is een van de pijlers uit de Omgevingswet decentralisatie. Hierdoor kunnen er op provinciaal en gemeentelijk niveau aanvullende regels en doelstellingen op het Bal worden bepaald in Omgevingsvisies en Omgevingsplannen. Het is daarom belangrijk dat de verschillende overheden goed met elkaar communiceren. De beoogde beleidscyclus staat in de figuur hiernaast beschreven.

Om te beoordelen of de opgestelde regels in het Bal ook functioneren voor bodemenergie, werd de volgende centrale vraag in de casus gesteld: “hoe kunnen bodemenergiesystemen in het centrum van de stad Utrecht worden gerealiseerd onder de Omgevingswet en wat komt hier allemaal bij kijken?”.

Deze casus werd uitgewerkt door onder meer vertegenwoordigers van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie, het Waterschap, een jurist met kennis van de Omgevingswet en bedrijven welke aangesloten zijn bij Bodemenergie NL. Door deze mix van kennis en ervaring met bodemenergie kon er inhoudelijk over verschillende onderwerpen met betrekking tot bodemenergie worden gediscussieerd. De opbrengst van deze discussie wordt door het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat meegenomen in het verdere invoeringsspoor van de Omgevingswet.

Een belangrijk aspect in de discussie was hoe de ondergrond voor bodemenergiesystemen verdeeld kan worden met toekomstige omgevingsvisies en omgevingsplannen. Zo staat in het Bal onder meer beschreven dat een bodemenergiesysteem niet mag leiden tot interferentie met eerder geïnstalleerde open of gesloten systemen, waardoor het doelmatig functioneren van het nieuwe of bestaande systeem bodemenergiesysteem schade kan oplopen.

Vanuit de praktijk werd aangegeven dat het begrip ‘doelmatig gebruik’ zeer breed kan worden geïnterpreteerd en dat de wens bestaat voor het nader uitwerken van dit begrip, zodat er een eenduidig beleid op kan worden gevoerd. Daarnaast zal er ook gekeken worden naar hoe huidige master- en/of interferentieplannen kunnen worden geïntegreerd in de nieuwe wetgeving. Verder werd er gediscussieerd over de onderwerpen of het bijvoorbeeld mogelijk is om bij masterplannen niet naar huidige vergunningen te kijken, maar naar het werkelijk functioneren van een systeem, of vergunningen na een aantal jaar aangepast kunnen worden als blijkt dat er veel minder water verplaatst wordt en de thermische bellen dus kleiner zijn dan verwacht en of het mogelijk is om enige negatieve interferentie toe te staan als dit een positieve uitwerking heeft voor het hele masterplan.

Een ander aspect dat aan de orde kwam, was de situatie rondom het lozen. In het concept van het Bal is het lozen van grondwater voor bodemenergiesystemen nog niet goed beschreven. Hier zal nader naar worden gekeken, zodat voor zowel open als gesloten bodemenergiesystemen alle soorten lozingen goed staan opgenomen.

Verder werd het punt van de m.e.r.-procedure kort behandeld. Vanuit de praktijk werd aangeven dat, door de huidige procedure, vaak dubbel werk wordt verricht en dat de vergunningsaanvraag sterk wordt verlengd. De wens bestaat daarom dat de procedure van de m.e.r. tegelijk zou verlopen met de vergunningsaanvraag. De m.e.r.-beoordelingsprocedure komt echter voort uit Europese wetgeving en zal daarom ook onder de Omgevingswet blijven bestaan.

Tot slot werd er nog ingegaan op proefboringen. Deze zijn vaak van groot belang voor het bepalen of een project door kan gaan of niet. In het concept Bal staat beschreven dat er niet met het aanleggen of gebruiken van een bodemenergiesysteem mag worden begonnen voordat dat aan het bevoegd gezag is gemeld. Als sprake is van proefbronnering vanwege de aanleg van een bodemenergiesysteem dan is dit de start van de activiteit. In andere gevallen zal het boren bij aanleg het begin van de activiteit zijn. Na enige discussie over proefboringen, is besloten dat er nader zal worden gekeken of het mogelijk is om een proefboring voor zowel een open als gesloten bodemenergiesysteem toe te staan met een melding. Op deze manier is het mogelijk om te beginnen met een proefboring en deze later af te werken als bodemenergiesysteem. Het zou dan niet nodig zijn om eerst het hele vergunningstraject af te wachten voordat een proefboring gemaakt kan worden.

De gehele middag werd door de aanwezige vertegenwoordigers als positief ervaren. Een aantal belangrijke onderwerpen en knelpunten zijn besproken, waardoor er duidelijke punten naar voren zijn gekomen die door het Ministerie verder worden behandeld en mogelijk in de Omgevingswet worden toegepast. Mogelijk wordt er later nogmaals een botsproef georganiseerd om verder over de Omgevingswet te praten. Het is gebleken dat het zeker belangrijk is om mensen uit de praktijk met wetgevers te laten discussiëren en zo tot een betere wetgeving te komen.

 

 

 

By | 2018-04-17T09:51:30+00:00 april 17th, 2018|Nieuws|0 Comments

About the Author:

Leave A Comment